Minister Bussemaker op bezoek bij De Clipper in Rotterdam

23 mei 2016

Landelijk willen 728 scholen al vanaf komend schooljaar starten met meer en beter muziekonderwijs in de klas, terwijl het ministerie van Onderwijs op slechts 300 scholen had gerekend. Minister Jet Bussemaker was 11 mei op bezoek bij 1 van de scholen die als eerste een aanvraag hadden ingediend voor de regeling Impuls Muziekonderwijs én hebben gekregen, basisschool De Clipper in Rotterdam.

Scholen met een eigen muziekleerkracht zijn zeldzaam. Op De Clipper heeft directeur Helma Kemner geld vrijgemaakt om Helen Schreuders 3 dagen per week muziekles te laten geven. Schreuders helpt de groepsleerkrachten daarnaast ook om in de dagelijkse lessen muziek een rol te geven.

 

Het is Bussemakers ambitie dat in 2020 muziek op alle basisscholen weer vanzelfsprekend is: 'Muziekonderwijs is ontzettend belangrijk voor de vorming van jonge mensen. Het stimuleert de creativiteit en samenwerking, en brengt daarmee onontdekte talenten van kinderen tot ontwikkeling. Kinderen kunnen daar de rest van hun leven veel plezier van hebben.'

Dat er landelijk een grote belangstelling is voor beter muziekonderwijs, is duidelijk. Naast de vele inschrijvingen voor de muziekwedstrijd in het kader van Meer Muziek in de Klas, BZTband XXL, hebben scholen massaal aanvragen ingediend voor Impuls Muziekonderwijs. Het Fonds voor Cultuurparticipatie dacht voor het schooljaar 2016-2017 300 aanvragen binnen te krijgen, dit zijn er uiteindelijk 782 geworden. Het geld dat voor volgend schooljaar gereserveerd was, moet nu al worden aangesproken. Bussemaker: ‘Ik ben verheugd dat zo veel scholen op de regeling hebben ingeschreven. Dat enthousiasme wil ik belonen en daarom heb ik de regeling veranderd, zodat we geen enkel goed voorstel hoeven af te wijzen.’

 

De Clipper heeft met de subsidie drie docenten op een cursus gestuurd en de methode ZangExpress aangeschaft. Op deze manier krijgen de leerlingen ook muziek mee van de groepsleerkrachten.

 
Méér Muziek In De Klas
Wetenschappelijk onderzoek wijst uit dat kinderen muziek nodig hebben. Het bespelen van een instrument draagt bij aan de motorische ontwikkeling en de ontwikkeling van het kinderbrein. Het samenspelen verbindt, versterkt sociale vaardigheden en muziek draagt uiteindelijk ook bij aan betere schoolprestaties.

 
Méér Muziek in de Klas is een initiatief van het Platform Ambassadeurs Méér Muziek in de Klas dat hiervoor nauw samenwerkt met de verschillende partners: het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OC&W), Fonds voor Cultuurparticipatie (FCP), de PO-Raad, de NPO, het Landelijk Kennisinstituut voor Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA) en de VandenEnde Foundation. Minister Bussemaker stelt via de Impuls Muziekonderwijs €25 miljoen euro beschikbaar om de komende jaren structureel muziekonderwijs te realiseren.