Eerste opbrengsten Michelle van Dijk: gelijke kansen, een hele kunst

09 april 2018

De Maand van Cultuuronderwijs 2018 zit erop! Tijdens de Maand van Cultuuronderwijs ging Michelle van Dijk als correspondent op pad met het thema Gelijke Kansen. Hoe kan cultuuronderwijs bijdragen aan kansengelijkheid?

Wat zijn haar eerste bevindingen? Lees hier de opbrengsten!

Door Michelle van Dijk

In de grote steden, en zeker in Rotterdam, werken we hard aan gelijke kansen in het onderwijs. Het mag niet uitmaken of je wieg in Kralingen of in Crooswijk staat. Maar om dat te bereiken, moeten we wel beseffen wat culturele verschillen voor effect hebben en wat beleidsmakers, scholen en leraren kunnen doen om een eventuele ‘mismatch’ kleiner te maken. Hierin heb ik me verdiept als correspondent voor de Maand van Cultuuronderwijs. Ik luisterde en las wat sociologen hierover zeggen en ik bezocht projecten om de praktijk te ervaren.

Stadssocioloog Iliass El Hadioui (EUR) onderzoekt al langer wat er gebeurt wanneer jongeren opgroeien in verschillende culturen (thuis – op school – jongeren onder elkaar). Sommige jongeren tonen daarin creativiteit en veerkracht, maar het kan ook pijnlijk en frustrerend zijn als je thuis of op straat andere waarden leert dan de waarden die voor schoolsucces tellen. En aan het begin van de Maand van Cultuuronderwijs gaf Barend van Heusden, hoogleraar Cultuur en Cognitie aan de Rijksuniversiteit Groningen, een lezing in Blijdorp waarin aan cultureel (zelf)bewustzijn hetzelfde belang werd toegekend. Cultureel bewustzijn is een vereiste, stelt Van Heusden, om om te kunnen gaan met de veranderende werkelijkheid. Als je daarmee niet om kan gaan, zijn veranderingen voor jou eng en zelfs gevaarlijk en ontstaat er angst en agressie.

Frustratie, angst en agressie. Daarmee creëren we duidelijk geen bodem voor maatschappelijk succes. Als we zien dat culturele verschillen minder gelijke kansen tot resultaat hebben, dan kan cultuureducatie de kansengelijkheid dus juist bevorderen. De vraag die ik bestudeer is dus niet of dat kan, maar: hoe dan?

Wat hebben jongeren dan nodig? Moet je ze doodgooien met opera’s, klassiek ballet en poëzie of een rap battle op school organiseren omdat zij daarom vragen? El Hadioui zegt: ‘Blijf vooral gedichten lezen in de klas en stap niet over op raps. Alle leerlingen hebben er recht op kennis te nemen van de hoge cultuur, maar denk erover na hoe je ze daar krijgt.’ (Interview in CVOpen, 2012.)

Dit vind ik een heel belangrijk principe: leerlingen hebben er recht op. Alle vormen van kunst en cultuur moeten voor hen openstaan. Maar veel goedbedoelde initiatieven leveren niks op. In de Afrikaanderwijk werden creatieve ondernemers ‘ingevlogen’, maar hun effect op de wijk was minimaal! Ik sprak met Jeannette Nijkamp, socioloog aan de Hogeschool Rotterdam, over de mogelijkheden van culturele samenwerking. Zij deed daar onderzoek naar.

Nijkamp: ‘Sommige initiatieven overstijgen wel de cultuurverschillen, dankzij duidelijke profilering. Maar de echte verbinding is er niet zomaar. Om de verschillen te overbruggen moet je op zoek naar wat mensen wél bindt.’ Voor jongeren zegt zij ook: ‘Begin niet met opera, sluit aan bij wat ze al leuk vinden, en vind de middenweg.’

Een positief voorbeeld daarvan zag ik op mijn eigen school, het Libanon Lyceum. Wij organiseerden met KCR een WIRED-dag. De school werd één dag een theater met Hofplein, MAAS en Theater Rotterdam. Zullen ze niet afhaken, dacht ik? Eigenwijs op een stoel gaan zitten als de workshopleider je vraagt iets te verbeelden? Dat gebeurde niet. Onze eigen leerlingen hadden vooraf met de theatermensen bedacht wat de inhoud van die workshops moest zijn. De aansluiting bij de jongeren was daarmee gegarandeerd. Op deze theaterdag gingen de leerlingen ook met een opdracht aan de slag: kies als groepje een thema en maak er een poster bij. ‘Maar hoe kom ik van het thema ‘eten’ bij een poster?’, zei een jongen uit 4 havo.

Hebben wij het hun volledig afgeleerd om vrijuit, spontaan en associatief te denken? Dat brengt me bij de vraag: welke vaardigheden hebben leerlingen nodig? Barend van Heusden zei in zijn lezing dat gelijke kansen ontstaan door de vaardigheden om met de veranderende werkelijkheid om te gaan en door de vrijheid om dat op jóuw manier vorm te geven. ‘Hoe kunnen ze dat leren? Door het te ervaren en door het te begrijpen. Ervaren van de vrijheid die je hebt in toneelspelen, debatteren…’

Dit is precies wat ik ontdekte bij de Erasmus Experience in de centrale bibliotheek, een educatief programma voor jonge tieners waarbij je gaat filosoferen. Filosoferen is een appèl op hun eigen denkkracht, vertelde Marga Blokland, die dit educatieve programma leidt. Het doel is dat kinderen zelf gaan nadenken. Filosoferen geeft veel vrijheid en zelfvertrouwen. En er wordt niet alleen een beroep gedaan op hun intellectuele bagage, maar juist ook op hun creativiteit.

Als ik het simpel zeg, wil ik graag dat jongeren leren open te staan voor alle vormen van kunst en cultuur, en zich daarbij op hun gemak voelen. Dat kan nog ingewikkeld zijn. Want als jij met je familie carnaval viert, wordt dat zelden als een kunstvorm gezien. Wie thuis met z’n vader Griekse mythologie leest, staat al voorgesorteerd voor het gymnasium. Je moet kunnen omgaan met zo’n oordeel. Je moet het gevoel hebben dat je ook hogerop kunt komen in een andere cultuur en dat dat geen identiteitsbreuk met je thuiscultuur hoeft op te leveren. Dat is een weerbaarheid en flexibiliteit die je moet opbouwen. Maar het betekent ook dat alle vormen van kunst en cultuur voor hen open moeten staan.

El Hadioui heeft bouwstenen voor schoolsucces in het algemeen benoemd en ik meen dat die ook van toepassing zijn op cultuureducatie: hoge positieve verwachtingen van docenten ten aanzien van de prestaties van de leerlingen, en ‘self-efficacy’ van docent en leerling: het vertrouwen in de eigen bekwaamheid om het resultaat te bereiken. Geef leerlingen het vertrouwen dat alles mogelijk is als ze er zelf voor openstaan.

Gelijke kansen in cultuureducatie ontstaan wanneer voor jonge mensen alle vormen van kunst en cultuur openstaan en wanneer zij voor alle vormen van kunst en cultuur openstaan. Het is onze taak om dat mogelijk te maken.


Michelle van Dijk, correspondent Gelijke Kansen

Michelle van Dijk studeerde Nederlands in Leiden en werkte als tekstschrijver voordat ze naar het onderwijs overstapte. Ze is nu teamleider (vwo bovenbouw) op het Libanon Lyceum en leraar Nederlands. Daarnaast is ze schrijver van korte verhalen, blogs en opiniestukken op haar eigen website en in diverse kranten en (online) tijdschriften. Haar debuutroman Darko's lessen verscheen in 2017.


Maart is de Maand van Cultuuronderwijs in Rotterdam: hét onderwijs van de 21e eeuw. Een maand vol debatten, lezingen, festivals en activiteiten voor en door scholen, theaters, musea en andere culturele instellingen. Het thema: Hoe vormt cultuur onderwijs Rotterdam? Samen duiken we de cultuureducatie van Rotterdam in en leveren we een bijdrage aan het cultuuronderwijs van morgen. Drie correspondenten onderzoeken tijdens deze maand een van de gedefinieerde thema's en leveren diepgang aan het festival, dat daarmee tevens een onderzoeksveld is.