'Culturele volksopvoeding' door dr. Anne Schipper

21 maart 2017

Wat heeft de strategie van een Rotterdamse letterkundige van een eeuw geleden om de gereformeerden aan de kunst en cultuur te krijgen, te maken met het cultuurbeleid van een Rotterdamse basisschool anno 2017? Directeur van de Juliana van Stolbergschool Anne Schipper promoveerde op dit onderwerp en trok het door naar het cultuurbeleid van zijn eigen school in het Rotterdamse Liskwartier. Wat vond hij in die culturele volksopvoeding dat ook nu nog van toepassing is?

Door dr. Anne Schipper, directeur van de Juliana van Stolbergschool


Kunst en cultuur zijn van groot belang voor een brede persoonsvorming, gericht op een rijk en betekenisvol leven, vind ik. Culturele volksopvoeding heeft daarom van oudsher mijn belangstelling. Niet alleen voor mezelf, maar ook voor anderen, jong en oud. Vanuit mijn functie als directeur van de Juliana van Stolbergschool in Rotterdam, maak ik voor de cultuureducatie op onze school gebruik van de volksopvoedkundige strategie en tactiek van de negentiende eeuwse Rotterdamse letterkundige C. Rijnsdorp. Hij probeerde de gereformeerde gemeenschap van toen aan de kunst te krijgen, een gebied dat tussen 1920 en 1970 in die gemeenschap voornamelijk braakliggend was. De strategie en tactiek die hij ontwikkelde inspireren mij. Anno 2017 is zijn strategie op hoofdlijnen nog steeds relevant, ook bij de praktijk van mijn school.

Met het proefschrift ‘Een geknevelde volksopvoeder. C. Rijnsdorp en de culturele verheffing van het calvinistisch volksdeel: strategie en leiderschap’ promoveerde ik 10 januari 2017 in de geesteswetenschappen aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Rijnsdorp (1894-1982) trachtte zijn geloofsgenoten aan de kunst te krijgen vanuit de cultuurtheologie van dr. Abraham Kuyper en zijn ‘gemeene gratieleer’ (algemene genadeleer), waarmee hij de weinig kunst- en cultuurminnende gereformeerde gemeenschap gelegitimeerd toegang kon bieden tot de schatten van kunst en cultuur. Rijnsdorp voerde zijn missie, de volksopvoeding tot cultuur, uit als schrijver vanuit zijn zogenaamde bijbelse ‘cultuurtaak’. Naast het artistieke element onderscheidde hij hierin ook een pedagogische opdracht. De socialistische leus de kunst aan het volk draaide hij vanuit de Kuyperiaanse antithese om in de tegenleus: Het volk aan de kunst, als basis voor zijn cultuurstrategie.

Kunstzinnige vorming
Cultuureducatie is van groot belang voor de ontwikkeling van de creativiteit van kinderen, en daarmee van hun persoonlijke ontwikkeling en identiteit. De basis voor culturele geletterdheid leg je in de periode van het basisonderwijs. Cultuureducatie, als vast onderdeel in het curriculum, spreekt mij hierom sterk aan. Naast het belang van de school in de vorming hiervan, zijn ook ouders of verzorgers belangrijk. Mijn ouders hebben het bespelen van een muziekinstrument, boeken lenen in de openbare bibliotheek, museumbezoek, tekenen en schilderen (mijn vader heeft kunstacademie gedaan) altijd gestimuleerd. In 1996 was ik vanuit de bibliotheekbranche betrokken bij de gezamenlijke beleidsnota Cultuur en School van de Onderwijsraad en Raad voor Cultuur. Hierin wordt veel waarde toegekend aan de docent als cultuur(over)drager. En terecht! Toen ik twee jaar geleden het aanbod kreeg van het KCR om een Schoolscan Cultuureducatie op school uit te voeren, heb ik die kans met beide handen aangegrepen. In deze scan wordt namelijk ook ingezoomd op de krachten en interesses van het team op school. En het team bleek over veel meer cultureel talent te beschikken dan we van elkaar wisten.

Van proefschrift naar praktijk
Uitgedaagd tijdens een studiedag door de consulenten van het KCR, kwamen de mooiste ideeën naar boven om structureel met kunst en cultuur in de school aan de slag te gaan. Toen ik twee jaar geleden directeur werd van de Juliana van Stolbergschool, heb ik aan den lijve ervaren wat de eenzijdige (na)druk op cognitieve vakken, gericht op opbrengsten en kwantificeerbare leergroei, teweegbrengt bij het team. De creatieve vakken in het rooster dreigen de sluitpost van de onderwijskundige begroting te worden, terwijl kunst en cultuur juist optimaal ingezet kunnen worden bij vakken als begrijpend lezen, rekenen/wiskunde, en het plusprogramma, die (in)direct een belangrijke bijdrage leveren aan zowel leerwinst als aan de culturele identiteit in kunstzinnig opzicht. Die gedachte vormt ook de basis van ons Cultuurbeleidsplan, dat door het team onder regie van Carli Rivera, onze cultuurcoördinator, is opgesteld met begeleiding van Wil Walvis van het KCR.

Eind 2017 verschijnt mijn tweede boek. Hierin werk ik Rijnsdorps programma van culturele volksopvoeding in de concrete praktijk van de volksopvoeding verder uit. Vanuit zijn strategie onderscheid ik drie programmalijnen: muziek, voordrachtskunst (zeer populair in de vooroorlogse jaren) en literatuur. Centraal in zijn actieprogramma tot cultuur staan twee hoofdlijnen: 1. opvoeden tot cultureel besef (voorlichting, informatie en educatie), dat 2: moet leiden tot culturele werkzaamheid (actief kunst en cultuur beoefenen). De beide actielijnen van theorie en praktijk staan wat mij betreft ook centraal in de kunstzinnige vorming in het onderwijs, waarbij scholen uiteraard deskundige begeleiding krijgen van instellingen voor cultuureducatie, zoals het KCR.

Rotterdam en cultuureducatie
De gemeente Rotterdam biedt scholen volop kansen en middelen om cultuureducatie in de onderwijspraktijk inhoud en vorm te geven, onder meer via Leertijduitbreiding (LTU). De Juliana van Stolbergschool financiert het cultuurprogramma op school grotendeels vanuit Leren Loont! Met geld van de Rotterdamse Lerarenbeurs hebben wij onder andere onze interne cultuurcoördinator laten scholen bij het KCR. Ook vanuit het landelijke programma Cultuureducatie met Kwaliteit, dat deels mogelijk wordt gemaakt door gemeente Rotterdam, financieren wij onze cultuurvisie en de uitvoering hiervan. Het laten uitvoeren van de KCR-Schoolscan Cultuureducatie is hiervan een voorbeeld. Onze stichting Kind en Onderwijs Rotterdam hecht grote waarde aan cultuureducatie op school. Aandacht voor kunst en cultuur in het onderwijsprogramma draagt in onze visie ook bij aan het bestrijden van onderwijsachterstanden.

Cultuureducatie op school
Op onze school vinden wij dat kinderen in het onderwijs ook hun talenten op niet-cognitieve gebieden moeten leren kennen met het oog op een brede persoonsvorming. Zij leren niet alleen hun ervaringen en omgeving waar te nemen, te ordenen en vorm te geven, maar ook hun ideeën, gedachten en gevoelens te uiten in verschillende beeldtalen. Zij raken daardoor persoonlijk betrokken, enthousiast en worden sociaal vaardiger. De kinderen leren te ontspannen en krijgen energie voor andere dingen. In onze visie betekent cultuureducatie ook dat leerlingen steeds meer betekenis geven aan hun eigen leefwereld en omgeving. Kunst spiegelt het gedrag van kinderen. Zo leren zij zichzelf en anderen beter kennen, begrijpen en waarderen. Elk kind is ergens knap in, ook op kunstzinnig gebied. Wij vinden het belangrijk dat onze leerlingen trots kunnen zijn op wat ze durven en doen. Op wat ze maken, laten zien en presenteren. Een positief cultureel zelfbeeld versterkt het zelfvertrouwen, dat een versterkend effect heeft op leer- en ontwikkelprocessen. En zo heeft de strategie van de Rotterdamse Rijnsdorp niet alleen zijn weerklank gevonden in de gereformeerde gemeenschap van een eeuw geleden, maar ook in de visie op cultuureducatie op onze Rotterdamse basisschool.

Dr. Anne Schipper is directeur van de Juliana van Stolbergschool in Rotterdam. Hij promoveerde in januari 2017 aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. In opdracht van het KCR schreef Anne Schipper een artikel over zijn proefschrift en de link naar het cultuureducatiebeleid op zijn school. Dit artikel is geschreven in het kader van Cultuureducatie met Kwaliteit.